Waarom is Scarface na veertig jaar nog steeds zo populair?
Scarface werd in december 1983 door een groot deel van de kritiek weggezet als een lompe, te lange B-film. Schrijvers liepen bij de première de zaal uit. Tien jaar later hing Tony Montana op studentenkamers en klonk zijn naam in de bekendste rapplaten van de jaren negentig. De film is populair gebleven om twee redenen die elkaar versterken. De eerste is een omweg: hip-hop pakte de film op toen Hollywood hem al had afgeschreven. De tweede is ouder dan de film zelf: het verhaal van iemand die alles pakt en alles verliest, is een vorm waar kijkers al ruim tweeduizend jaar niet op uitgekeken raken.
In 1983 wilde bijna niemand hem
De ontvangst was bij aanvang al een gevecht. Eind oktober 1983 gaf de Amerikaanse keuringsraad MPAA de film een X-classificatie wegens “excessive and cumulative violence and for language”, de categorie die toen vooral voor pornografie werd gebruikt. Producent Martin Bregman klaagde in The New York Times dat zijn film “als pornografie was bestempeld”. Een beroepscommissie draaide de beslissing op 8 november met zeventien tegen drie stemmen terug. Regisseur Brian De Palma gaf later toe dat hij de film daarna vrijwel ongewijzigd uitbracht (bron: Wikipedia, Scarface (1983 film)).
De recensies waren hard. New York magazine noemde de film “an empty, bullying, overblown B-movie”. Pauline Kael schreef in The New Yorker van 26 december 1983 dat het “misschien de enige actiefilm is die verandert in een allegorie van onmacht” en dat Tony Montana, eenmaal rijk en verzadigd, “beschimmeld” aanvoelt (de recensie van Kael). Gene Siskel vond Montana “tremendously boring”. Bij een voorvertoning in New York liepen de schrijvers Kurt Vonnegut en John Irving weg bij de scène met de kettingzaag. Martin Scorsese waarschuwde acteur Steven Bauer na de vertoning: “Jullie zijn geweldig, maar wees voorbereid, want ze gaan hem haten in Hollywood.”
Aan de kassa was het geen ramp. De film haalde wereldwijd ongeveer 66 miljoen dollar op tegen een budget van enkele tientallen miljoenen. Het was geld terugverdiend, geen gebeurtenis. Niets wees erop dat dit de film zou worden die veertig jaar later nog steeds op posters, in videoclips en in boeken opduikt.
Wat één criticus wel zag
Roger Ebert stond in 1983 vrijwel alleen met zijn lof. Zijn argument is achteraf het interessantst, omdat het precies het punt raakt waar de film later op werd herontdekt. Ebert schreef dat Al Pacino van Montana geen sympathiek personage maakt, “maar wel iemand met wie we ons kunnen identificeren, op een geschrokken manier”. En het origineelste aan de film vond hij “de aandacht voor hoe weinig Montana ervan geniet terwijl hij het heeft” (Ebert, Scarface). Hij noemde de film “een prachtig portret van een echte schoft”.
Dat is een andere lezing dan die van Kael, terwijl beiden hetzelfde zagen: een hoofdpersoon die na zijn opkomst leeg en passief wordt. Kael vond dat een fout in de film. Ebert vond het de kern ervan. Het publiek dat de film later omarmde, koos meestal voor geen van beide lezingen, en juist dat verklaart een deel van de populariteit.
Hoe hip-hop de film uit het graf haalde
Steven Bauer, die Montana’s compagnon Manny speelde, vatte het later zo samen: “Scarface was dood en begraven totdat hip-hop hem herontdekte” (Collider, How Hip-Hop Culture Led to a Scarface Revival). Het begon begin jaren negentig. Nas zette in 1994 op zijn album Illmatic het nummer “The World Is Yours”, naar de lichtreclame die Montana in de film ziet, en zat in de clip in een bad zoals Montana. Jay-Z opende zijn debuut Reasonable Doubt in 1996 met een verwijzing naar de film. 2Pac en Snoop Dogg bouwden de clip van “2 of Amerikaz Most Wanted” rond Scarface-beelden. The Notorious B.I.G., Fat Joe en later Future, Meek Mill en Migos hielden de traditie in stand.
Rappers zagen in Montana iets wat de critici van 1983 niet zochten: een immigrant zonder geld, zonder connecties en zonder geduld, die met bruut geweld een plek opeist in een land dat hem als afval behandelt. Dat het slecht afloopt, deed er in die lezing minder toe dan de klim.
De filmindustrie volgde het publiek. In 2003 bracht Def Jam een compilatiealbum uit, Music Inspired by Scarface. De dvd-uitgave van datzelfde jaar verkocht twee miljoen exemplaren in de eerste week, destijds een record voor een film met een R-classificatie; tegen 2020 stond de teller op bijna vier miljoen dvd’s en blu-rays. Het American Film Institute zette in 2005 “Say hello to my little friend” op plaats 61 van de beste filmcitaten en in 2008 de film op plaats tien van de beste gangsterfilms, in dezelfde lijst als het origineel uit 1932 waarvan het een remake is. Entertainment Weekly zette hem op plaats acht van de vijftig grootste cultfilms.
Een verhaalvorm van tweeduizend jaar oud
De omweg via hip-hop verklaart waarom Scarface terugkwam. Het verklaart niet waarom hij bleef. Daarvoor moet je naar de vorm van het verhaal kijken, en die is veel ouder dan Miami in 1980.
Scarface uit 1983 is een remake van de film van Howard Hawks uit 1932, met Paul Muni als Tony Camonte, een dranksmokkelaar uit de drooglegging die losjes op Al Capone was gebaseerd. Beide films delen het litteken, de obsessie met de zus, en de lichtreclame met “The World Is Yours” (The Mob Museum). Scenarist Oliver Stone verplaatste het verhaal naar de Cubaanse vluchtelingen van de Mariel-bootlift van 1980. De setting veranderde, de bouw niet: iemand van onderaf klimt met geweld en lef naar de top, wordt daar zelf de bedreiging, en gaat ten onder aan wat hem naar boven bracht.
Die bouw beschreef Aristoteles al in zijn Poetica, rond 335 voor Christus. Een tragedie draait om een omslag, de peripeteia, waarin het geluk van de hoofdpersoon in zijn tegendeel verkeert, en die omslag komt voort uit een hamartia: een fout of tekortkoming van de held zelf, niet van het lot. Bij Montana is dat tekort niet moeilijk aan te wijzen. Hij kan niet stoppen. De scène in het restaurant waarin hij, zat en verveeld, aan zijn compagnon vraagt “Is this it?”, is de peripeteia in één zin.
Waarom we naar de val blijven kijken
De vraag is dan waarom kijkers dit soort verhalen blijven opzoeken terwijl ze het einde al kennen. Filmcriticus Glenn Kenny, die in 2023 het boek The World Is Yours: The Story of Scarface publiceerde, geeft een direct antwoord: de film is een machtsfantasie. “Wat als jij de koning bent?” Montana geniet van zijn positie voordat de ondergang komt, en de kijker mag twee uur meegenieten zonder de rekening te betalen (interview met Kenny).
Kenny wijst ook op de tegenstrijdigheid die de film zo lang in leven houdt: “Tony Montana is een verwerpelijk personage dat mensen aan de muur van hun studentenkamer hebben gehangen.” De poster laat de klim zien. De film laat de val zien. Wie de poster koopt, kiest de eerste helft. Wie de film uitkijkt, krijgt de tweede. Dat verschil is geen misverstand dat je kunt oplossen, het is de reden dat mensen erover blijven praten. Scott Deitche van The Mob Museum zegt het nuchterder: “Scarface is not high art, it’s high fun.”
Er is nog een derde laag, en die zit in Eberts observatie uit 1983. Montana geniet nergens van. Hij heeft het geld, het huis, de vrouw en de tijger, en hij verveelt zich dood. Een verhaal over opkomst en ondergang werkt niet omdat we de held zien vallen, maar omdat we zien dat de top al leeg was voordat hij viel. Dat is een ongemakkelijker les dan “misdaad loont niet”, en daarom blijft ze hangen.
Wat de kijker meeneemt
Verhalen over opkomst en ondergang stellen steeds dezelfde vraag aan de kijker: had hij anders gekund? Montana krijgt in de film meerdere momenten waarop hij kan stoppen, en kiest elke keer door. Of zo’n keuze werkelijk vrij is, of dat het patroon al vastlag toen hij in Miami van de boot stapte, is een vraag die verder reikt dan deze film; wie daar dieper in wil, leest heb jij vrije wil? op deze site.
Het is ook leerzaam om Scarface naast de film te leggen die al dertig jaar bovenaan de publiekslijsten staat. The Shawshank Redemption vertelt het spiegelbeeld: iemand die van onderaf begint en geduldig, zonder geweld, ontsnapt. De ene film is een waarschuwing die als aanmoediging aan de muur hangt, de andere een troost die niemand als poster koopt. Beide films kregen hun status pas jaren na de première, via videotheek, televisie en mond-tot-mondreclame. Blijkbaar weet het publiek soms eerder dan de kritiek welke verhalen het nodig heeft.
Wie deze vragen over macht, patronen en eigen keuzes liever in een roman tegenkomt dan op het scherm: de thriller Template van Michiel van Hattem gaat over een zoektocht naar waarheid, macht en eigen keuzes. Voor wie eerst wil weten welk soort spanning bij hem past, is er de gids spannend boek per type lezer.